previous arrow
next arrow
Slider

Youp van ’t Hek, parttime bewoner van Bergen aan Zee

‘Dat gemuts van een BN’er die tips geeft, daar doe ik niet aan’

BERGEN AAN ZEE – Hij is dit jaar 65 geworden en staat daarom extra in de belangstelling: cabaretier Youp van ’t Hek. Op zijn verjaardag -28 februari- kwam zijn boek ‘Youp als beroep’ uit.

Daarin blikt hij met foto’s, columns, anekdotes, liedteksten en andere herinneringen terug op de eerste veertig jaar van zijn overvolle loopbaan. Ook zijn huidige voorstelling ‘Met de kennis van nu’ –alle voorstellingen zijn uitverkocht- is autobiografisch. Youp vertelt over de lol die hij heeft in zijn leven en brengt als boodschap dat we alles niet zo serieus moeten nemen. Youp is ook parttime inwoner van Bergen aan Zee, 25 jaar alweer: ‘Ik vind het leuk dat er niks is, althans, een heleboel niet.’

‘Ik ging vroeger altijd met mijn ouders naar de kust van Egmond. Mijn vrouw Debby ging met haar ouders naar Bergen. Later gingen we samen graag naar de Noord-Hollandse kust. Toen we op een dag onze kinderen voor ons uit zagen hollen op het Engelse Veld in Bergen aan Zee dachten we, als we dan toch een tweede huis willen, dan is het hier. We hebben een makelaar ingeschakeld en al vrij snel hadden we dit huis te pakken. Dat was in 1994. We hebben het helemaal naar onze zin gemaakt en gaan er niet meer weg. In de zomer zitten we er sowieso veel, in de winter gaan we er ook regelmatig een weekje of zomaar een paar dagen heen. We gaan er gewoon naar toe. Het is volledig ingericht op wat we nodig hebben. Het is fijn een plek te hebben waar we al zo lang komen. En ik vind Noord-Hollanders leuk, Bergenaren leuk en Bergen zelf leuk. We hebben er ook al 25 jaar een hokje op het strand. Het is heel prettig om een eigen plek in Bergen aan Zee te combineren met wonen in Amsterdam.

Hetzelfde als thuis

Als ik in Bergen aan Zee ben doe ik hetzelfde als thuis; werken en boeken en kranten lezen. Ik heb er net als in Amsterdam een werkkamer en ben soms een paar dagen aan het schrijven. Doordat ik mijn werk altijd bij me heb, ben ik natuurlijk niet afhankelijk van een locatie. Soms gaan we er met z’n tweeën heen, soms met kinderen en kleinkinderen. De kinderen maken ook graag gebruik van het huis als wij er niet zijn. Vrienden verblijven er ook wel eens zonder ons. Ik vind het leuk dat er niks is, althans, een heleboel niet. En ik hoop dat het er ook niet komt. In Egmond heb je al dat vermaak wel. Zo is het mooi verdeeld. Nee, ik ga me er na mijn loopbaan niet definitief vestigen. In Amsterdam kan ik lekker naar de bioscoop en heb ik veel meer keuze in restaurants.

Buurtbarbecue

Ik weet niet of de bevolking van Bergen aan Zee mij als dorpsgenoot ziet. Het is 2019. Mensen zijn nogal op zichzelf. Zelfs in een dorp als Bergen aan Zee. We hadden een ongelooflijk lieve buurvrouw van begin negentig die onlangs is gaan hemelen. We groetten elkaar altijd en kletsten soms wat, maar daar bleef het bij. Ik ben erg op mezelf. De andere bewoners van Bergen aan Zee ook. Ook in Amsterdam ben ik niet van de buurtbarbecue.

Lekker naar zee

Tips voor bezoekers aan Bergen aan Zee? Nee, die heb ik niet. Ga lekker naar zee, wandelen door de duinen. Er zijn zoveel boekjes met tips. Dat gemuts van een BN’er die tips geeft, daar doe ik niet aan.’

Je bent in alles wat je doet succesvol. Sinds 1984 zijn al jouw voorstellingen uitverkocht. Je wekelijkse column in de NRC is al ruim dertig jaar de meest populaire column van Nederland. Je hebt tientallen boeken geschreven die goed worden verkocht. Hoe verklaar je dat?

‘Dat zou je de mensen die het theater verlaten moeten vragen. Gisteravond sprak ik mensen die zeiden: ‘ik zou morgen zo weer willen’. Naar dezelfde voorstelling dus. Het is wederzijds, ik kan heel erg van het publiek genieten en het publiek dus van mij. Ik ga altijd met onbedaarlijk veel lol ergens spelen en het publiek waardeert dat. Ik reis al jaren met dezelfde club mensen die mij begeleiden. Eén van hen is er zelfs al 36 jaar bij. We hebben er allemaal lol in. Als ik voor een voorstelling het publiek door de speaker in mijn kleedkamer hoor, denk ik echt nooit: ik heb er geen zin in. Boeken en columns schrijf ik ook al jaren en ook dat doe ik met veel plezier. Niemand zegt dat ik het moet doen, ik schrijf omdat ik dat zelf leuk vind. De column voor de NRC maak ik altijd op vrijdag. Daar zit ik dan een groot deel van de dag op te puzzelen. Als de lezer het in anderhalve minuut leest, moet hij de indruk hebben dat ik het net zo snel heb opgeschreven.’

Ik ga nog lang niet op mijn lauweren rusten, zo staat op de achterkant van jouw nieuwe boek…

‘Ik vind het ontzettend leuk om middenin het leven te staan. Leeftijdsgenoten kiezen ervoor om twee keer per week te gaan golfen. Ik heb weleens gezegd: ‘golfen is knikkeren voor jongens die niet willen bukken’. Ik moet er niet aan denken. Ik schrijf, ik speel, de mensen komen erop af en we kunnen er met het hele team van leven.’

In een recent interview in de NRC noem je een gebeurtenis die nog altijd in je hoofd zit:’Een paar jaar geleden was ik in een viswinkel toen de Hollandse nieuwe net gevangen was. Er stond een enorme rij. En halverwege zegt die man: ze zijn op. Toen heb ik staan kijken naar het gedrag en het commentaar: dan moet je beter inkopen. Ik sta hier godverdomme… Dat zit nog altijd in mijn hoofd voor als er écht iets gebeurt in de wereld. Dan denk ik: ik was ooit op een zaterdagochtend in een van de rijkste landen ter wereld toen de haring op was, en ik heb dit al in het klein gezien.’

‘Het is hetzelfde idee als de mensen die hun cadeaukaart bij Intertoys dat failliet dreigt te gaan willen inleveren en beginnen te schelden als dat door een technische storing niet lukt. Daar hadden we het in het interview over. Er is niet zoveel beschaving. Als er echte problemen komen leer je de mensen echt kennen en weet je of je met sloebers te maken hebt. De types van de Rijdende Rechter en het Familiediner.’

Je omschrijft in datzelfde artikel vier scenario’s waarin de dood jou zou mogen halen:

  • Als je met vrienden in de kroeg zit en net in beschonken overmoed het biljart op bent geklommen;
  • Naast mijn vrouw in bed, als ik haar net nog aan het lachen heb gemaakt;
  • Met mijn familie aan het diner, als we net geproost hebben;
  • Of op het toneel, in een uitverkocht theater.

‘Die tekst zit in een liedje. Het is een grapje. En de waarheid. Een waar grapje. Het gaat een keer gebeuren en dit zijn goede opties. Als het maar niet in een tram in Utrecht is.’

(het is een dag na de aanslag in Utrecht, waarbij drie mensen om het leven kwamen, red.).

Leuk om te lezen!